Home Artikelen Robbert Dijkgraaf in gesprek met Nijmeegse internationals

Robbert Dijkgraaf in gesprek met Nijmeegse internationals

Deze donderdagochtend ging demissionair minister van onderwijs, wetenschap en cultuur Robbert Dijkgraaf in gesprek met een groep internationale studenten, docenten en medewerkers van zowel de HAN als de Radboud Universiteit (RU). ‘In de politiek zeggen ze vaak: of je zit aan tafel, of je staat op het menu. Als student is dat laatste meestal het geval.’

Demissionair minister Dijkgraaf was vanochtend te gast op de chronisch grauwe campus Heyendaal. Hier ging hij in het Radboudumc in gesprek over transgenderzorg en daarna bezocht het Linnaeus. Daar praatte hij met een groep internationale Nijmegenaren over hun ervaringen, de Nederlandse taal en cultuur en het wetsvoorstel internationalisering in balans. Dijkgraaf was daar bijzonder over te spreken: ‘Ik weet niet wie deze groep heeft samengesteld maar ik ben zeker onder de indruk, dit toont de waarde van internationale uitwisseling.’ 

Internationalisering in Balans

De minister moedigde zijn gespreksgenoten aan om hun ervaringen te delen: ‘In de politiek zeggen ze vaak: of je zit aan tafel, of je staat op het menu. Als student is dat laatste meestal het geval.’ Daarna deelden meerdere internationals hun reden om in Nijmegen te gaan studeren. Hoewel de minister vriendelijk met zijn hoofd knikte stuurde hij het gesprek al snel soepeltjes richting internationalisering in balans. Opvallend, de internationals leken zich daar niet zeer bewust van te zijn.

Dijkgraaf presenteerde dit wetsvoorstel voor het zomerreces, waarna het tot landelijke rumoer leidde. Met de wet wil de minister, na jaren van ongeremde groei, de internationalisering van het hoger onderwijs reguleren. Met de wet wil Dijkgraaf het aantal inkomende internationale studenten kunnen gaan sturen doormiddel van een internationale numerus fixus, ook wil hij  inzetten op het behoud van de Nederlandse taal in zowel het onderwijs als de wetenschap. Zo wordt er meer nadruk gelegd op een Nederlandse voertaal en worden taallessen verplicht voor internationale studenten. Deze wet zou er voor zorgen dat het hoger onderwijs toegankelijk blijft voor Nederlandse studenten. Daarnaast zouden internationale studenten beter gaan infiltreren in de Nederlandse samenleving en dat zou de kans dat ze na hun studie in Nederland blijven vergroten.

Taalbeleid

Juist over het taalbeleid sprak de groep, die zeer beperkte tot geen kennis leek te hebben van het wetsvoorstel, het meest. Zo bespraken ze dat het zeer prettig is dat veel Nederlanders goed Engels spreken maar ook dat dit veel problemen oplevert. Zo vertelde een Poolse studente dat het hoge Engelse niveau ook lui maakt: ‘Ik ben zo druk met mijn studie en nu ik overal ook terecht kan met mijn Engels merk ik dat het leren van Nederlands wel echt op de achtergrond raakt.’ Een Oekraïense student voegde daar aan toe dat hij eigenlijk alleen in Nederland is om te studeren en daarna, als dat tegen die tijd kan, weer terug naar zijn thuisland. Toch voegden allen daar aan toe dat het jammer is dat de Engelse taal ervoor zorgt dat internationale studenten vaak samen in een bubbel terechtkomen. 

Hoewel het wetsvoorstel door de verkiezing wat op de achtergrond is geraakt, zal het tijdens de kabinetsformatie waarschijnlijk een hot topic worden. Zo wil Pieter Omtzigt, Geert Wilders daar gelaten, met zijn partij Nieuw Sociaal Contract (NSC) nog veel verder gaan: hij wil dat het aantal internationale studenten per stad bepaald wordt per beschikbare woonruimte. Daar zal de afzwaaiende Dijkgraaf, die na een gesprek van een uurtje en een Refter lunchbox rijker, weer vertrok zich niet meer bezig gaan houden. 

Laat een reactie achter

Gerelateerde artikelen