Home NieuwsNederland Groeiende kloof tussen hoog- en laagopgeleiden

Groeiende kloof tussen hoog- en laagopgeleiden

door Redactie

Kinderen van laagopgeleide ouders gaan minder vaak studeren dan de kroost van hoogopgeleiden. Dat blijkt uit een kritisch onderwijsverslag van de Inspectie van Onderwijs. 

Groeiend gat
In de ‘Staat van het Onderwijs’ waarschuwt de Onderwijsinspectie nadrukkelijk voor toenemende ongelijkheid in het onderwijs. Even slimme kinderen uit een nest van lageropgeleiden gaan steeds minder vaak naar het hoger onderwijs dan leerlingen met hoogopgeleide ouders. In 2008 belandde nog 70 procent van de kansarme kinderen en 72 procent van de kansrijke leerlingen in het hoger onderwijs. Zeven jaar later eindigde maar 60 procent van de kansarmen op een hbo- of wo-instelling, en 69 procent van de kinderen uit een hoogopgeleid gezin. De Onderwijsinspectie geeft toe dat deze groeiende ongelijkheid niet alleen een Nederlands verschijnsel is, maar stelt nadrukkelijk dat het gat bij ons groter is dan in omliggende landen en dat dit gat relatief snel toeneemt. 

De inspectie noemt een aantal oorzaken voor de groeiende ongelijkheid in het hoger onderwijs. Kansarme kinderen krijgen op de basisschool een lager advies dan hun leeftijdsgenoten, ongeacht de uitslag van een eindtoets. Eenmaal op de middelbare school lopen de kansrijken ook makkelijker voor: hun ouders regelen sneller bijlessen en medische indicaties voor kun kinderen dan laagopgeleide vaders en moeders. Daarnaast draagt de toenemende selectie in het hoger onderwijs bij aan de ongelijkheid. Steeds meer opleidingen hebben een numerus fixus en de route van mbo naar hbo is lastiger gemaakt, waardoor kansarmen sneller zijn ontmoedigd dan voor de numerus fixus. 

Reactie ISO en LSVb
Linde de Nie, voorzitter van het Interstedelijk Studenten Overleg (ISO), vindt de inhoud van het onderwijsverslag schokkend en wil dat de ongelijkheid zo snel mogelijk wordt opgelost. ‘Iedereen verdient gelijke kansen binnen het onderwijs en deze alarmerende signalen zijn het teken dat het onderwijsstelsel hierin tekort schiet. Scholieren moeten beter begeleid worden in hun weg naar het hoger onderwijs. Het hoger onderwijs en het voortgezet onderwijs dienen intensief samen te werken.’ De Nie is bang dat de ongelijkheid in kansen zal toenemen. ‘Door de invoering van het leenstelsel en de toenemende selectie lijkt onze grootste vrees werkelijkheid te worden: de kwetsbaarste groepen worden het hardst geraakt.’

Ook de Landelijke Studentenvakbond (LSVb) is verontwaardigd, vertelt voorzitter Stefan Wirken. ‘Het Nederlandse hoger onderwijs is er voor iedereen en we moeten als samenleving de verantwoordelijkheid nemen om het hoger onderwijs voor iedereen toegankelijk te houden.’ Net als De Nie wijst Wirken op de negatieve invloed van leenstelsel en selectie op de groeiende ongelijkheid. ‘Het onderzoek toont des te meer hoe gevaarlijk deze maatregelen zijn.’ 

Gerelateerde artikelen

Laat een reactie achter