Home Artikelen Welzijnsniveau Radboudstudenten in coronatijd stabiel, maar kan hoger

Welzijnsniveau Radboudstudenten in coronatijd stabiel, maar kan hoger

door Naomi Habashy

Het welzijn onder studenten van de Radboud Universiteit (RU) is de afgelopen maanden stabiel gebleven, zo blijkt uit het interfacultaire onderzoek naar de impact van de coronacrisis aan de RU. Het gaat echter niet per definitie goed met ze. ‘Er wordt een enorm beroep gedaan op de veerkracht van studenten.’

Het onderzoek wijst uit dat het welzijn van studenten sinds het begin van de metingen midden april, gelijk is gebleven. Na alle drie de metingen kreeg welzijn een cijfer om en nabij de vier op een 6-puntsschaal. Een betekent hier heel slecht en zes betekent heel goed. ‘Het is een goed teken dat het rond de vier is gebleven’, zegt hoogleraar Empirische en Praktische Religiewetenschap Hans Schilderman, die het onderzoek leidt. Volgens Schilderman is dit te danken aan de veerkracht van studenten. ‘Zij hebben kennelijk vermogen om kracht te halen uit weerstand. Die weerstand is in dit geval de coronacrisis.’ José Sanders, hoogleraar aan het Departement Taal en Communicatie die ook in het projectteam zit, vult aan: ‘In deze crisis wordt het bestaan van de meeste studenten ook niet bedreigd. Ze hebben nog steeds een dak boven hun hoofd en eten op tafel: dat is ook een verklaring voor het stabiel blijven van het welzijnsniveau.’

Persoonlijke aandacht

Dat wil nog niet meteen zeggen dat het ook goed met studenten gaat. Volgens Schilderman en Sanders is er weinig persoonlijke aandacht voor studenten vanuit de universiteit, terwijl dit wel heel belangrijk is. Volgens hun zouden faculteiten en docenten bijvoorbeeld vaker een hart onder de riem kunnen steken, door bijvoorbeeld een persoonlijk gesprek met studenten te voeren en hen te laten weten dat ze worden gezien en gehoord. Hierbij benadrukken ze wel dat de RU al veel heeft betekend in de primaire voorzieningen voor haar studenten en medewerkers. Het faciliteren van online onderwijs en ondersteuning voor docenten die moeite hebben met technologie zijn hier voorbeelden van.

Volgens Schilderman is het belangrijk is om hierin snel te handelen. ‘Het zou zomaar kunnen zijn dat we op dit moment pas halverwege de crisis zijn en dat het dus nog een tijd duurt voordat we hieruit komen.’ De universiteit, maar ook de faculteiten kunnen hier een grote rol in spelen. Ze zouden iets voor studenten kunnen organiseren of medewerkers aanmoedigen dat te doen.

Afstandsonderwijs

Uit het onderzoek bleek verder dat de studenten de kwaliteit van het onderwijs nog hetzelfde beoordelen. In april vond zo’n 60 procent van de studenten het onderwijs verslechterd, dat was in september nog steeds zo. Schilderman verklaart dit doordat het onderwijs zelf onveranderd is gebleven. ‘In april werden dezelfde methoden ingezet voor het afstandsonderwijs als na de zomer, dus in die zin is het niet gek dat men daar nog steeds hetzelfde van vindt.’

Nieuw onderzoek

Tot slot wordt in het onderzoek speciaal onderzocht wat de mogelijke gevolgen van het vele videobellen zijn. ‘We weten nu nog helemaal niet wat de effecten zijn op bijvoorbeeld je emoties en hoe we als gevolg hiervan met elkaar omgaan.’ zegt Sanders. ‘Dit onderzoek vormt een basis voor een antwoord op die vraag.’

Gerelateerde artikelen

Laat een reactie achter