Home Papieren ANSBladartikelen Als een vis in het water


Dit artikel verscheen eerder in de eerste editie van ANS 2020-2021.

Aankomende studenten gaan kopje onder in een stad die ze alleen zullen kennen van surfen op internet. Dat zal zijn uitwassen hebben in het sociale leven van deze groep. Studie- en studentenverenigingen zijn nu belangrijker dan ooit om studenten toch met elkaar te verbinden.


Alle studenten herinneren zich de introductieweek nog als de dag van gisteren. Door een uitputtende week werden ze ondergedompeld in het studentenleven. Voor de nieuwste aanwas zit dat er niet in. Na gala en examenreis valt nu ook de fysieke introductie, die leidt tot veel vriendschappen, in het water. De introductie wordt nu grotendeels online gehouden waardoor het voor studenten lastig is om daadwerkelijk sociaal contact te krijgen, vertelt Anja Machielse, hoogleraar Humanisme en Sociale Weerbaarheid aan de Universiteit voor Humanistiek. ‘Tijdens een introductie op het internet is het niet mogelijk om te zien of iemand apart zit of weinig contact maakt met anderen, wat je offline wel opmerkt.’ Bovendien kun je een medestudent niet snel aantikken om te vragen naar ditjes en datjes.

‘Een-op-eencontact en persoonlijke begeleiding zijn van groot belang.’

Machielse stelt dat het gebrek aan onderlinge verbinding dat hierdoor ontstaat, kan leiden tot eenzaamheid. ‘De overgang van de middelbare school naar studeren is sowieso al heel ingrijpend. Daar komt nu nog bij dat het veel moeilijker is om online een groep te vinden.’ De algemene lat om vrienden te maken ligt dus simpelweg een stuk hoger. Een-op-eencontact en persoonlijke begeleiding zijn van groot belang om op de hoogte te blijven van hoe het gaat met de eerstejaars. Dit kan op kleine schaal worden bewerkstelligd door ouderejaars die actief zijn binnen verenigingen. Het zou dan ook mooi zijn als verenigingen een extra actieve rol kunnen spelen in het opvangen van de nieuwe aanwas.

Een moedereend voor eenzame eendjes

Het gros van de studenten schrijft zich tijdens de introductie in bij een vereniging. Een van de belangrijkste kwaliteiten van deze organisaties is dat zij studenten onderling verbinden. Zij vormen de houvast in de snelle stroom van het studentenleven en zijn de gemene deler voor studenten die allemaal in hetzelfde schuitje zitten. De verenigingen zouden er in tijden wanneer grote bijeenkomsten lastig zijn of online plaatsvinden, goed aan doen om hun nieuwe leden aan een ouderejaars te koppelen. Hij of zij kan de nieuwerejaars betrekken bij activiteiten van de vereniging of met hem of haar een wandeling maken door de stad. Op deze manier wordt een student niet helemaal alleen in het diepe gegooid, maar is er iemand die een gemakkelijke brug vormt tussen persoonlijke en grotere activiteiten bij de vereniging. Zodoende wordt de drempel voor het bijwonen van een (online) borrel een stuk lager. Bovendien heeft de sjaars zo altijd een aanspreekpunt dat ook over praktische onderwerpen meedenkt, zoals bij studiegerelateerde vragen.

Dergelijke gesprekken en activiteiten zijn cruciaal omdat studenten eenzaam kunnen worden wanneer deze niet plaatsvinden, vertelt Machielse. ‘Het is heel normaal om je eenzaam te voelen, maar het is van belang dat je hier niet te lang in blijft hangen en een nieuw sociaal netwerk opbouwt.’ Volgens de hoogleraar kunnen er zowel fysieke als mentale problemen optreden als dit niet gebeurt. In zulke gevallen zou er toch echt een expert bij het probleem moeten komen kijken, maar voorop staat dat verenigingen ook een preventieve rol kunnen spelen. Zij kunnen met hun informele activiteiten een vorm van ondersteuning faciliteren die een studentenpsycholoog, studieadviseur of huisarts nooit kan bieden.

‘De nieuwe aanwas vormt een cruciale voedingsbodem voor latere commissieleden.’

Vissen in de introductievijver

Niet alleen eerstejaars hebben er baat bij dat zij goed worden opgevangen, ook voor studie- en studentenverenigingen is dit van belang. Voor hen is het belangrijk om de nieuwe aanwas bij hun vereniging te betrekken en zo het aantal actieve leden op peil te houden. De nieuwe aanwas vormt immers een cruciale voedingsbodem voor latere commissieleden en op de lange termijn zelfs bestuursleden. Om die leden betrokken te houden, is er in de coronatijden meer nodig dan een korte online introductieweek. In de weken na de introductie zal het namelijk ook lastiger zijn om iemand nonchalant mee te vragen naar een borrel of iemand die minder actief is toch in de wandelgangen te overtuigen om mee te gaan zuipen vanavond. Een manier om de studentencultuur toch bruisend te houden, is bijvoorbeeld voor studieverenigingen om een speciale commissie aan te stellen die zich langer bezighoudt met de eerstejaars. Deze commissie zou onder andere extra activiteiten kunnen organiseren waardoor de eerstejaars meer als groep worden verbonden.

‘In eenzame tijden is een gemeenschapsgevoel belangrijker dan ooit.’

In eenzame tijden is een gemeenschapsgevoel namelijk belangrijker dan ooit. Een praatje na college, een toevallige ontmoeting of een bezoek aan The Yard na een bevredigende squashsessie: het zijn allemaal sociale gelegenheden die nog maar sporadisch voor zullen komen. Dit zijn uitzonderlijke tijden die vragen om uitzonderlijke inzet. Verenigingen zullen dan ook veel hulp nodig hebben van actieve leden. Iedereen heeft zich wel eens eenzaam gevoeld, vooral die studenten wiens studie- en sociale leven vanwege de crisis aan eind van het vorig jaar volledig wegvielen. Dit is hun kans om te voorkomen dat anderen ook in eenzaamheid vervallen en een kans om zelf nieuwe ontmoetingen op te zoeken. Dus surf op het internet, duik dat sociale netwerk in en open die ogenschijnlijk krakkemikkige zoomvrijmibo van je studievereniging om te proosten met een eerstejaars. Je bent tenslotte nodig.

Gerelateerde artikelen

Laat een reactie achter