Home Opinie & AchtergrondAchtergrond Oog om oog

De antiracismedemonstraties die het afgelopen jaar in Amerika plaatsvonden, zullen de geschiedenisboeken in gaan. De ongekende omvang en de duur van de protesten zorgden voor meer aandacht voor het racismedebat. Er ontstonden echter ook rellen die met name in de media veel kritiek kregen. Is het grimmiger worden van die demonstraties wellicht noodzakelijk om structurele problemen in de Verenigde Staten op de agenda te zetten?

Dit artikel verscheen eerder in de tweede editie van ANS 2020-2021.


Dit jaar is het duidelijk geworden dat zelfs een pandemie mensen er niet van weerhoudt om op te staan tegen onrecht. De dood van George Floyd, de zoveelste zwarte Amerikaan die om het leven kwam door politiegeweld, was voor velen de druppel. In groten getale ging men in verschillende Amerikaanse steden de straat op tegen geïnstitutionaliseerd racisme en het daaruit voortkomende politiegeweld. Hoewel veruit de meeste demonstraties vreedzaam begonnen als een mars voor rechtvaardigheid, kwamen er bij sommige geweld, plundering en vernieling kijken. Cultureel tijdschrift The Atlantic publiceerde onlangs nog een artikel waarin werd vermeld dat het niet de initiële demonstranten zijn die rellen schoppen, maar mensen die parallel aan het protest hun eigen gewelddadige acties voeren. Dit deel van de demonstranten haalde het nieuws met winkelruiten ingooien en politieagenten bekogelen. Toch noemde president Trump alle demonstranten ‘tuig’. Hij stelde daarbij zelfs dat de Amerikaanse bevolking tegen hen moest worden beschermd. Sommigen veroordeelden de demonstraties daarom, maar deze zorgden ook voor een toename in de wereldwijde aandacht voor de strijd tegen racisme. Bovendien worden de betrokken agenten nu aangeklaagd. Toch blijft het de vraag of de rellen eigenlijk wel hebben geholpen en of ze ook op lange termijn nuttig zullen zijn. Komt er concreet beleid dat institutioneel racisme gaat aanpakken en is het grimmiger worden van de Amerikaanse antiracismedemonstraties hierin noodzakelijk?

‘Ze hebben niet het idee dat het reguliere politieke systeem hen gaat helpen.’

Voordat de bom barst

Volksbetogingen zoals de antiracismedemonstraties vinden hun oorsprong niet in één concrete aanleiding. De oorzaak zit in diepgewortelde ongelijkheidsproblemen waar minderheden, met name de Afro-Amerikanen, nooit een oplossing voor ontvangen. ‘Politici beloven deze mensen al jaren fatsoenlijke huisvesting, gezondheidszorg en onderwijs, maar komen die beloftes niet na’, zegt Jelte Olthof. Hij is universitair docent aan de Rijksuniversiteit Groningen (RUG) en gespecialiseerd in de geschiedenis van de Verenigde Staten (VS) en de Amerikaanse grondwet en politiek. ‘Het grootste deel van de demonstranten heeft niet het idee dat het reguliere politieke systeem hen ooit gaat helpen. Het is dus logisch dat ze boos worden en een wrok koesteren. In hun ogen zit er dan vaak niets anders op dan de straat op trekken om hun ongenoegen kenbaar te maken’, aldus de Amerikanist.

Daarnaast vormt de coronacrisis en de economische crisis die daarmee gepaard gaat een sterke voedingsbodem voor ontevredenheid. Thijmen Jeroense, promovendus aan de Radboud Universiteit (RU) en gespecialiseerd in polarisatie in politieke processen, legt uit: ‘Afro-Amerikanen worden onevenredig hard geraakt door de coronacrisis. Dat komt omdat ze vaak in de lagere inkomensklassen zitten. Dit maakt het verschil tussen hen en de rijke, witte Amerikanen groter.’ Ook de aanloop naar de komende presidentsverkiezingen, die uitzonderlijk gepolariseerd zijn, dragen bij aan het gevoel van ontevredenheid onder minderheden, stelt Jeroense.

‘De rellen bij deze demonstraties hebben veel internationale aandacht opgeleverd.’

Olthof vertelt dat de spanningen ook hoog oplopen door het type agenten dat bij demonstraties wordt ingezet. Op veel plekken in de VS zijn dit witte agenten die van het platteland naar de steden zijn getrokken voor werk. ‘Sommigen van hen hebben een beeld van hun donkere medemens, dat uit de tijd vlak na de afschaffing van de slavernij komt.’ In die tijd was er veel argwaan over het feit dat zwarte mensen zich vrij en onafhankelijk zouden kunnen bewegen en dat sentiment heerst bij sommige agenten nog steeds, vertelt Olthof. ‘Zo’n beeld zorgt ervoor dat agenten sneller en agressiever optreden bij een demonstratie waar dat eigenlijk niet hoeft. Daar komt nog bij dat politieagenten in veel staten heel zwaar bewapend zijn, wat de machtsverhoudingen tussen demonstranten en politie nog schever maakt.

Voor vooruitgang of tegen schenen

In een bepaald opzicht dient het grimmiger worden van de protesten een nuttig doel. ‘Een voordeel van de rellen bij deze demonstraties is dat het veel aandacht heeft opgeleverd, ook internationaal gezien’, zegt Maarten Zwiers, universitair docent Geschiedenis en American Studies aan de RUG. In veel meer landen dan anders zijn er protesten georganiseerd, waardoor de belangstelling voor het thema racisme toenam. Ook in Nederland en zelfs in Nijmegen werden naar aanleiding van de demonstraties in de VS grootschalige bijeenkomsten opgezet. Volgens Jeroense is er door die protesten een hernieuwde opleving in de Zwarte Pietendiscussie gekomen en daarmee ook in het racismedebat.

Hoewel deze ontwikkelingen heel gunstig waren voor het racismedebat in Nederland, is dat in de VS anders. Volgens Zwiers is het weliswaar een begrijpelijke reactie dat een klein deel van de demonstranten agressief wordt, maar het leidt niet altijd tot het gewenste resultaat. ‘Door de uitgebroken rellen, krimpt het draagvlak onder de bevolking’, zegt Zwiers. Vanwege een paar rellen verliezen ook vreedzame demonstranten namelijk steun van de rest van de bevolking. Daarom is het volgens Zwiers effectiever om de moral high ground te nemen. ‘We hebben in het verleden ook gezien dat het vaak beter werkt om op een vreedzame manier te proberen op te staan voor je rechten.’ De universitair docent noemt Martin Luther King en de burgerrechtenbeweging van de jaren zestig als voorbeeld voor succesvol zijn zonder geweld. ‘King nam de moral high ground in zijn acties. Hij was niet agressief en koos voor geweldloos verzet, waardoor het draagvlak voor zijn idealen groot werd. Dat leidde er allemaal toe dat de Civil Rights Act van 1964 werd aangenomen.’ Dat brede draagvlak is essentieel om de reguliere politiek te bereiken en dat lukt niet als de bevolking zich distantieert van wat er op straat gebeurt.

Voor Defund the police is weinig animo.

Dit kan een reden zijn dat demonstreren zelfs averechts werkt. Olthof licht toe: ‘Trump gebruikt de rellen als middel om de bevolking te laten realiseren in wat voor chaos het land verkeert. Hiermee wil hij laten zien dat alleen een sterke president als hij ervoor kan zorgen dat de rust wederkeert.’ Daar voegt de Amerikanist aan toe dat de rellen ook tegen demonstranten kunnen worden gebruikt. ‘Hij pakt de protesten en de bijkomende rellen met beide handen aan om de witte middenklasse bang te maken en hen tegen de demonstranten in het harnas te jagen.’

Jeroense stelt dat er een balans moet zijn tussen onrust veroorzaken en het nemen van de moral high ground. ‘Je wil als demonstrant politieke invloed creëren en op de agenda komen. Dat gaat natuurlijk niet als je door de media wordt weggezet als iemand die terreur zaait. Op het moment dat je dat echter niet doet en netjes blijft, is de kans dat je wordt gehoord ook aanzienlijk kleiner’, aldus de promovendus.

Make Defund the police great

Hoewel de agenten die betrokken zijn bij de dood van George Floyd nu worden aangeklaagd, is het nog niet te zeggen of de demonstraties en de bijkomende rellen van dit jaar ook nieuwe wetgeving gaan opleveren. Daar is het immers nog te vroeg voor, aldus Olthof. Hoewel de wetgeving er nog niet is, zijn er wel speculaties over mogelijke voorstellen. Een idee dat bijvoorbeeld uit de demonstraties is voortgekomen, is Defund the police. Dit houdt volgens Olthof in dat de grote som federaal geld die nu naar de politiekorpsen gaat, wordt herverdeeld en wordt uitgegeven aan burgers. ‘Het gaat momenteel voornamelijk naar de wapens die de politie bij zich draagt en dus naar repressie. Het idee van Defund the police is dat dat geld naar de preventiekant wordt overgeheveld, zoals het onderwijs.’ Op de onafhankelijke onderwijsnieuwssite Educationweek.org valt te lezen dat er een directe link is tussen goed onderwijs en lagere misdaadcijfers. ‘Door geld te investeren in onderwijs zullen minderheden dus niet keer op keer in aanraking komen met de politie’, onderschrijft Olthof. De Amerikaanse politiek is volgens de universitair docent nog niet zo happig over het idee van Defund the police: ‘Slechts enkele politici zijn hier enthousiast over. De meesten, onder wie de democratische presidentskandidaat Joe Biden, hebben zich van Defund the police gedistantieerd.’ Hoewel er in sommige staten wordt gewerkt aan concreet beleid om geïnstitutionaliseerd racisme tegen te gaan, is er voor Defund the police weinig animo.

Vanuit een gecentraliseerde beweging zou het makkelijker worden demonstraties te organiseren.

Aangezien we dus nog niet kunnen zeggen of de protesten iets hebben opgeleverd, stelt Zwiers nog dat demonstranten wellicht nauwer zouden moeten samenwerken om ervoor te zorgen dat structurele veranderingen worden bewerkstelligd. De verschillende Black Lives Matter-acties worden nu niet centraal georganiseerd en zijn allerlei kleine, lokale initiatieven die los van elkaar staan. Door deze bij elkaar te brengen, zouden ze samen veel sterker staan. ‘Dit soort samenwerkingen zagen we ook in de jaren zestig in Mississippi. Verschillende burgerrechtenbewegingen hebben zich toen daar verenigd onder de Council of Federated Organizations. Dat was effectief tijdens de Freedom Summer van 1964.’ Vanuit zo’n gecentraliseerde beweging zou het ook weer makkelijker worden om grootschalige demonstraties te organiseren.

Demonstreren helpt namelijk wel degelijk. De geschiedenis heeft uitgewezen dat vreedzaam actievoeren verschillende keren heeft gewerkt. Daar tegenover staat echter wel het relschoppen. Dat heeft misschien wel gezorgd voor meer publiciteit, maar of dat het juiste soort belangstelling is, valt te bezien. Het lijkt het zwaktebod van opstaan tegen onrecht: een kleine groep geeft toe aan agressie en het collectief is de dupe. Hoe dit zich verder zal ontwikkelen is nog onzeker. Wat in ieder geval met zekerheid kan worden gezegd, is dat er nog een lange weg te gaan is. De weg die het meest effectief lijkt, is die van de moral high ground, die de meeste demonstranten hebben begaan. Hopelijk leidt het uiteindelijk tot verandering.

Gerelateerde artikelen

Laat een reactie achter